Neurolinguïstisch programmeren (NLP) is een methodiek voor training, coaching en communicatieverbetering. NLP werd ontwikkeld in de jaren zeventig van de twintigste eeuw aan de Universiteit van Californië (Santa Cruz). NLP heeft geen noemenswaardig verband met de wetenschappelijke neurolinguïstiek.[1] De grondgedachte van NLP is dat vaardigheden van zogeheten experts in kaart gebracht (gemodelleerd) en als techniek aan anderen onderwezen kunnen worden. Theorie en effectiviteit van NLP hebben ondanks pretenties geen wetenschappelijke ondersteuning, zodat NLP als pseudowetenschap moet worden beschouwd.
Hypnose (uit het Grieks ὑπνος hupnos, slaap) is een kunstmatig gecreëerde staat van bewustzijn waarin men ontspannen is en geconcentreerd op een bepaald onderwerp. Hoewel de wetenschappelijke geschiedenis van het gebruik van hypnose pas aanvangt met Franz Mesmer in de 18e eeuw werd de techniek reeds lang daarvoor toegepast door tovenaars en genezers.
Sommige mensen zijn van mening dat er slechts een soort hypnose is: zelfhypnose. Zelfs onder begeleiding van een hypnotiseur is het de cliënt zelf die toestaat dat de trance ontwikkelt en laat bestaan. Dus iedere vorm van hypnose begint toch eigenlijk in de eerste plaats steeds bij de gehypnotiseerde zelf, maar aangezien suggesties van anderen dit kunnen teweegbrengen laat men zich dan eigenlijk begeleiden in de zelfhypnose. Zonder aandacht te schenken aan een vreemde suggestie zal geen hypnose intreden.
Anderen stellen dat er twee soorten hypnose zijn:
Er zijn verschillende stadia van hypnose, van licht zoals een lichte roes tot een zeer zware hypnotische toestand met een totaal verlies van (zelf)bewustzijn en waarbij zelfs een blokkade van zintuiglijke en pijnprikkels kan optreden. Een lichte hypnotische toestand kan vergeleken worden met een situatie waarin men alles om zich heen even vergeet, zoals het diep verzonken zitten in een boek of het kijken naar een spannende film waar men helemaal in opgaat.
De hypnotiseur dient integer te zijn en vertrouwen en gezag uit te stralen. Het is voor een diepere hypnose noodzakelijk dat de gehypnotiseerde zijn zelfcontrole en verantwoordelijkheid tot een bepaald niveau overdraagt aan de hypnotiseur. Op die manier kan de gehypnotiseerde een voldoende hogere vernauwing (concentratie) van zijn bewustzijn verkrijgen. Hij maakt als het ware zijn geest los van allerlei standaard processen en verwacht dat deze overgenomen worden door de hypnotiseur.
Hypnose is geen therapie, hoogstens een hulpmiddel om therapeutische doelen te bereiken.
Meditatie kan je helpen te ontspannen, je gedachtestromen tot rust te brengen en intenser het huidige moment te beleven. Naast geestelijke en lichamelijke ontspanning levert mediteren nog andere voordelen op. Zo kan mediteren helpen met het optimaliseren en verbeteren van je welzijn.
Meditatie wordt steeds vaker officieel aanbevolen door artsen en wetenschappers. Ziekenhuizen gebruiken meditatie steeds vaker als stressreductie instrument en er worden steeds meer meditatiemogelijkheden geboden in kantoren, gevangenissen, overheidsinstellingen, sportinstellingen en op vliegvelden.
EFT is een interventietechniek gericht op het ontladen van een gevoel bestaande uit het afstemmen op een gevoel, het oproepen van een positief gevoel, gevolgd door het kloppen op het lichaam op specifieke locaties (let niet zo nauw) terwijl men afgestemd blijft op het negatieve gevoel.